Quantcast

Onderzoekers ontdekken mechanisme dat kraakbeen beschermt tegen artrose

07-08-2017

2017-08-07

Wetenschappers van het onderzoekscentrum voor Skeletale Biologie en Engineering van de KU Leuven identificeerden een enzym dat een sleutelrol speelt bij de bescherming van kraakbeen tegen artrose. Dit opent nieuwe perspectieven in de zoektocht naar een behandeling voor deze chronische gewrichtsziekte. 

Hoe ouder je wordt, hoe groter de kans dat je te maken krijgt met artrose. Ook jongere mensen kunnen er na een (sport)ongeval door geplaagd worden. Toch is de behandeling van deze chronische gewrichtsziekte op dit moment beperkt tot pijnstilling of het plaatsen van een prothese. Professor Rik Lories en onderzoekster Silvia Monteagudo van het onderzoekscentrum voor Skeletale Biologie en Engineering van de KU Leuven brengen ons met hun onderzoek een stap dichter bij een mogelijke behandeling van artrose.

“Kraakbeen heeft een soort van gel-achtige structuur”, legt Silvia Monteagudo uit. “Als we het belasten, wordt het ingedrukt. Van zodra de belasting wegvalt, krijgt het opnieuw zijn originele vorm. Deze soepelheid is essentieel voor het vlot bewegen van de gewrichten.” De wetenschappers kwamen er achter dat het enzyme DOT1L een sleutelrol speelt bij het behoud van deze soepelheid. Dat enzyme controleert de Wnt-signaalweg in het kraakbeen. Professor Rik Lories: “Het DOT1L eiwit zorgt ervoor dat de Wnt-signaalweg geactiveerd wordt, maar ook niet te veel activiteit vertoont. Te veel activiteit zorgt er immers voor dat de gelachtige structuur van het kraakbeen verhardt, waardoor het kraakbeen zijn functie niet meer naar behoren kan vervullen. Je kan de activiteit op de signaalweg vergelijken met zonnebaden. We hebben zon nodig, maar teveel is ook niet goed voor onze gezondheid.”

Het belang van dit DOT1L-eiwit in de strijd tegen artrose wordt hiermee voor het eerst aangetoond. Deze bevindingen openen perspectieven voor verder onderzoek in de strijd tegen artrose.

Dit onderzoek verscheen in het tijdschrift Nature Communications.


Bron: KU Leuven

289